Fragment uit scenario Het is geen zweem van muffigheid

Ondertussen ontdekt de cameraman een hondensnuit achter dozen. Cameraman tikt documentairemaker Dion achter op zijn schouder. Dion kijkt om. Jonas kijkt ook naar de hondensnuit.

JONAS
Dat is mijn hond.
Ik heb hem laten opzetten.

Jonas zakt door zijn hurken, pakt de hond en aait hem. Er zitten rode wieltjes onder het witte langharige bobbie-hondje. Dion kijkt over de lens naar de cameraman met een blik vol ongeloof.

DION
Waarom heb je hem laten opzetten?
JONAS
Daarom!
Hij heet Mijnheer Janssen.
En ik ben blij toe. Hij doet me denken aan de
enige herinnering die ik van Maria heb,
waarbij de tranen van het lachen over haar
wangen rolde.
DION
Vertel.
JONAS
Het was in ons oude huis, toen mijn ouders nog bij elkaar waren. Maria was aan het koken. Dat deed ze soms.
Ze sneed kip, met plastichandschoenen, van die, hoe heet dat nou, van die, rubberachtige die dokters gebruiken.
DION
Latex?
JONAS
Ja, dat bedoel ik, van die latex dokterhandschoenen want ze was er vies van. Het gevoel van rauwe kip aan haar blote huid.

Jonas aait MJ terwijl hij vertelt en kijkt vol liefde naar het dooie beessie.
JONAS
Gaan jullie mee Mijnheer Jansen  uitlaten?

EXT. – BIJ DE BOLWONINGEN – MOMENTS LATER
Jonas heeft Mijnheer Janssen onder zijn armen. Dion kijkt met zijn handen in zijn zakken om zich heen. Jonas doet een rood riempje om de hals bij Mijnheer Janssen. Ze lopen samen over het paadje.
DION
En wat gebeurde er toen?
JONAS
Maria gooide achteloos een stukje kip…dat kreeg die altijd.
Jonas doet alsof hij het stukje kip naar achteren gooit zonder te kijken.

JONAS
Opeens begon ie rondjes te draaien alsof ie achter zijn eigen staart aanzat.
En een paar dagen later stonk het zo in de buurt van de hond. En iedere keer als we hem aanhaalde, oh wat een vieze lucht zeg. En toen lag ie bij mij op schoot. Was ik zo aan het aaien.
Jonas maakt aaiende bewegingen en trekt een vies gezicht.

JONAS
In de nek zag ik iets zitten. En toen deed ik de haren zo opzij en toen zag ik dus een gezwel zitten, het leek alsof Mijnheer Janssen opengebarsten was.
Maria en ik kwamen er bij de dierenarts achter dat het het stukje kip was. Want de dierenarts trok het ‘gezwel’ er zo uit.
En Maria moest onbedaarlijk lachen…heel lang…
Heeft ze nooit meer gedaan daarna…

uit ‘Het is geen zweem van muffigheid’ voor mockementery ‘T Zwarte Gat copyright Ronella Moser